Kennisplatform over milieueffectrapportage

Marja van Eck Hoezo stikstof, hoezo stank?

di 4 april 2017

Nog niet zo heel lang geleden kon het nog gewoon in Limburg; grootschalig mest verwerken voor champignoncompost, in de open lucht en onder een golfplaten dakje. Een enorme ammoniakuitstoot en geurcirkels van kilometers omtrek. Maar tijden veranderen. In het midden van de jaren negentig was de productie van champignoncompost een volledig computergestuurd inpandig proces geworden op het industrieterrein van Moerdijk. Dit zijn mijn mermoires over de Coöperatieve Nederlandse Champignonkwekersvereniging (CNC).

Wie in 1989 in de buurt van Milsbeek kwam, kon er over meepraten. Ver voordat je bij het dorp kwam, kwamen de ammoniakdampen je tegemoet. Een boer die toevallig net mest had uitgereden? Nee, de stank was continu en kwam van de champignoncompostproductie van de Coöperatieve Nederlandse Champignonkwekersvereniging (CNC). Op een groot terrein langs de N271 lagen grote bergen paardenmest, gips en stro. Die werden met een shovel door elkaar gehusseld, gemengd met kippenmest en op grote langgerekte hopen (dijken) onder een golfplaten afdak gelegd. Daar moest het mengsel verder uitzweten (oftewel ammoniak en stank uitstoten). Eens in de zoveel tijd werden de dijken ‘omgezet’ om het proces te bevorderen, c.q. de uitstoot te versterken. De provincie had CNC duidelijk gemaakt dat dit proces niet meer binnen de milieunormen paste, dus werd naarstig geëxperimenteerd met een inpandige verwerking in ‘tunnels’.  Toen men dit zo’n beetje onder de knie had, vroeg CNC in 1989 een milieuvergunning aan voor het nieuwe verwerkingsproces. Maar ze liepen meteen tegen de nieuwe regelgeving van milieueffectrapportage (m.e.r.) aan; verwerking van afvalstoffen was m.e.r.-plichtig geworden. CNC vond het raar dat een m.e.r. nodig was (het werd er toch alleen maar beter op?) en vroeg ontheffing van de m.e.r.-plicht aan. Maar die vlieger ging niet op. Zo startte de m.e.r.-procedure in 1990, een moeizaam proces. Om aan de milieunormen te voldoen, bleken veel meer maatregelen nodig dan CNC eerst had gedacht. Daardoor wijzigden de plannen voortdurend. Uiteindelijk kwam er een vergunningaanvraag waarin de provincie zou moeten gedogen dat pas op termijn aan de normen zou worden voldaan. Maar daarmee gingen de milieugroeperingen niet akkoord en -bij de aangespannen rechterlijke procedure- de rechter ook niet. Het roer bij CNC ging om: nu in een keer meteen goed! In 1992 kwam er een nieuwe m.e.r.-procedure voor een inpandig productieproces op het industrieterrein van Moerdijk.

Het gaat immers niet om kleine hoeveelheden. CNC verwerkt jaarlijks meer dan 600.000 ton reststoffen: paardenmest uit het merendeel van de maneges in Nederland, kippenmest uit de pluimveehouderij, stro - als bijproduct uit de graanteelt - en gips, dat vrijkomt bij diverse industriële processen. Met ammoniakwassers en biobedden wordt de uitstoot van de fabriek tot een minimum beperkt. De ammoniak uit de wassers wordt in het productieproces teruggevoerd. De champignoncompost wordt kant en klaar, ziektekiemenvrij en met het mycelium er al in, op de bedden bij de champignonkwekers in Nederland Duitsland en België afgeleverd.  Ook bij de kwekers is de emissie van ammoniak daardoor sterk verminderd.

Mijn betrokkenheid bij CNC begon toen ik in 1990 ik de toetsing van het eerste MER van CNC van een collega werkgroepsecretaris overnam. Om een beeld te krijgen van het bedrijf, werd voor mij apart een locatiebezoek georganiseerd. Die grote bergen dampende mest hebben grote indruk op me gemaakt. Ik was na afloop een paar dagen beroerd door het inademen van teveel ammoniak. Het tweede locatiebezoek in 1996 was echter minstens zo indrukwekkend. CNC wilde de vergunde productiecapaciteit vergroten en startte opnieuw een m.e.r.-procedure. En nu bezochten we de locatie in Moerdijk. We konden ons binnen vergapen aan de lange hallen met de tunnels en aan de machinekamer met de computers. Deze computers regelden volautomatisch het omzetten van het mengsel in de tunnels, het toevoegen van de kippenmest, het doseren van het champignonmycelium, alsook de ideale temperatuur en vochtigheidsgraad per fase; wat een wereld van verschil.

Als je met een bedrijf diverse m.e.r.-procedures meemaakt, ontstaat toch een zekere betrokkenheid. Dus als ik nog weer eens bij Moerdijk kom en de hightech lichtgekleurde gebouwen van CNC zie staan, draai ik toch stiekem even mijn raampje naar beneden. Ik snuif de lucht op en knik tevreden. Ook zie ik nog met een glimlach die rode vrachtwagen van AMCO de mest ophalen bij de manege achter mijn huis: “de groeten aan CNC”, denk ik dan.

Op de website van CNC las ik dat er toch in Milsbeek weer een fabriek van CNC komt.  Er is blijkbaar nog steeds behoefte aan uitbreiding van de productiecapaciteit. De planning is dat de nieuwbouw in september 2017 gereed is voor gebruik. Voor de direct omwonenden zijn meerdere bijeenkomsten georganiseerd om de nieuwbouwplannen toe te lichten. CNC zegt: “Wij hechten veel belang aan de dialoog met onze omwonenden, juist ook vanwege ons verleden.” Verstandig, lijkt me.

Reacties

Copyright 2017 Aeneas Media

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie AccepterenWeigeren